Cattery Mostiamo

Algemene informatie

This page in English / Deze pagina in het Engels

 


 











  Algemene informatie over kittens

Als kittens geboren worden, zijn ze compleet afhankelijk van hun moeder. Ze kunnen niet zien of horen, niet lopen of zichzelf op temperatuur houden. Hun tast-en reukzin, dat vanaf het begin wel goed ontwikkeld is, zorgt ervoor dat ze meteen na de geboorte kruipen naar de warmste plek van hun moeder, namelijk haar buik. Daar zoeken ze ieder een eigen tepel op, en drinken ze hun eerste heel belangrijke maaltijd, het colostrum.
Dit is een speciale melk, dat de moeder de eerste drie dagen produceert en bevat een zeer hoog eiwitgehalte, antilichamen en andere immuniserende stoffen die helpen om ze tegen ziekten te beschermen. Ze kruipen lekker warm tegen elkaar en de moeder aan en de eerste dagen doen ze eigenlijk niets anders dan drinken en slapen. Hun geboortegewicht ( 80-110 gram gemiddeld) verdubbelt in de eerste week en het leuke is, dat je de kleintjes bijna ziet groeien.

Na 7 tot 10 dagen gaan de oogjes open en beginnen de kittens te zien. Ook begint vanaf de tweede week het gehoor te functioneren.
Zo rond de drie weken begint hun socialisatieperiode, die duurt totdat ze naar de nieuwe eigenaren gaan, als ze ± 3 maanden oud zijn.
Deze weken hebben de kleintjes echt nodig om ze te vormen tot wat de mensen voor ogen hebben, als ze denken aan het hebben van een eigen poes/kater; een speelse, vriendelijke, gezellige en aanhankelijke kat.
Want alleen het aangeboren karakter is niet voldoende.

De socialisatietijd is ruwweg in te delen in twee periodes. De eerste duurt van ongeveer 3-7 weken en de tweede van ongeveer 7-13 weken.
In deze eerste periode is het belangrijk dat ze wennen aan allerlei geluiden die voorkomen in ieder gezin; radio, tv, de stofzuiger, mensenstemmen, hondengeblaf en wat al niet meer. Het lijkt allemaal zo gewoon, maar toch blijkt, dat als een kitten niet blootgesteld is geweest aan dit soort geluiden, het erg moeilijk is om hem er daarna nog aan te laten wennen. Daarom worden de kittens bij ons gewoon in de huiskamer geboren en vangen ze vanaf het begin dat hun gehoor gaat functioneren al deze geluiden op.
Ook het wennen aan ons, mensen, is erg belangrijk. De eerste paar dagen na de bevalling laten wij ze zo veel mogelijk met rust, maar vanaf een dag of vijf komen onze (gewassen) handen regelmatig in de doos, zodat ze ook zo snel mogelijk kunnen wennen aan de geuren die wij mensen bij ons dragen.

Wanneer ze drie weekjes oud zijn, wordt de ruimte in de doos te klein en klimmen de eerste over de rand om voorzichtig te gaan kijken wat er daarbuiten is. Het is leuk om te zien dat ze echt op verkenning uitgaan en de bench die we altijd gebruiken, blijkt dan erg handig te zijn. De kittens kunnen veilig rondlopen in hun "box", terwijl mamapoes erin en eruit kan.
Als de kittens beginnen over te stappen van alleen moedermelk naar vast eten, vindt moeder dat het tijd wordt dat ze zelf de kattenbak gaan gebruiken en stopt ze met het wassen van de kittens. Meestal zijn ze dan tussen de vier en vijf weken oud, maar dit is een beetje afhankelijk van de grootte van het nest. Een nestje van twee drinkt meestal langer bij de moeder dan een nestje van zes, simpelweg omdat er bij een kleiner nest genoeg te drinken valt.
Het zindelijk worden gaat over het algemeen vanzelf. De kattenbak staat in de bench en moederpoes gebruikt die ook, zodat de kittens al snel doorhebben wat de bedoeling is. Hierbij komt dat poezen van nature hun nest niet gauw zullen bevuilen en als ze eenmaal doorhebben waar de kattenbak voor dient, zullen ze die blijven gebruiken. Het is eigenlijk alleen in deze overgangsperiode dat we af en toe een "ongelukje" tegenkomen.
Zo rond hun vijfde levensweek lopen ze al regelmatig door de kamer en spelen ze al echt met elkaar, waarbij ze grappige bokkensprongetjes kunnen maken. Hun ontwikkeling verloopt in een razendsnel tempo en al gauw eten ze brokjes, drinken ze water, spelen ze met van alles, zijn ze zindelijk en beginnen ze luidkeels te spinnen als ze geaaid worden.
Ze zijn nu rond hun achtste levensweek aangekomen op een leeftijd waarop veel mensen denken dat ze kunnen verhuizen, maar juist in de tweede periode van hun socialisatie leren ze vooral goed omgaan met elkaar en waar hun grenzen liggen.

Het sociaal worden naar andere levende wezens toe, is iets wat ze nu van hun moeder én elkaar leren. Het spelen gaat er steeds ruiger aan toe en wanneer de één de ander te hard bijt, zal het "gebeten" kitten hard piepen en zich omdraaien en de ander negeren, waarop het spel dus afgelopen is. Dat dit niet leuk is, mag duidelijk zijn en zal een les zijn voor een volgende keer. Of hij wordt door het andere kitten net zo hard teruggebeten, waarop hij ervaart dat dat pijn doet. Ook zien we vaak dat moederpoes een kitten in de nek vasthoudt als hij te onstuimig is en net zolang wacht totdat het weer wat rustiger reageert.

Al met al raken de kittens steeds meer ingesteld op elkaar en hoe zij met elkaar moeten omgaan en tegen de tijd dat ze drie maanden oud zijn, weten ze wat wel kan en wat niet.
Ook wij, de mensenopvoeders, proberen ze in die tijd te leren niet te klimmen in de gordijnen en planten, niet te krabben aan meubels maar lekker de krabpaal te gebruiken. Het is een intensieve periode waarin we regelmatig ons geweer (de plantenspuit) te voorschijn halen, maar waarin de kittens, zo klein als ze zijn, heel veel leren in een hele korte periode.
Voor ons is het genieten met een grote G, als ze na het spelen, moe maar voldaan, spinnend op schoot in slaap vallen.

Als ze 3 maanden oud zijn, mogen ze verhuizen naar hun nieuwe baasjes.

De kittens zijn dan 3 keer ontwormd en 2 keer ingeënt tegen katten- en niesziekte.
Tijdens de laatste inenting worden ze ook gechipt, zodat de gegevens van de nieuwe eigenaar geregistreerd staan, mocht de kat bijvoorbeeld ooit weglopen. Voor meer informatie over chippen kunt u kijken op: http://www.dierenkliniek.com/kliniek/meerdere/chippen.html en http://www.databankgezelschapsdieren.nl

Allemaal worden ze verkocht met een contract, eigendomsbewijs, stamboom en dierenpaspoort waar zijn/haar gegevens in genoteerd staan.
Zowel vader als moeder zijn getest op leukemie (FeLV) en kattenaids (FIV)

Nadat onze kleintjes vertrokken zijn, vinden we het leuk om af en toe nog eens contact te hebben met de eigenaren. Dit is geen "must", maar een gezonde belangstelling van onze kant uit, omdat we benieuwd zijn hoe de kittens uiteindelijk opgroeien tot volwassen kater of poes en om te kijken hoe het karakter zich verder ontwikkeld heeft.

Top